ABRvS 10 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4326
Bij besluit van 22 juni 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ommen het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het in strijd met vergunningvoorschriften niet slopen van een schuur op het perceel [locatie 1] in Ommen door [partij], niet-ontvankelijk verklaard. Op 16 oktober 2019 heeft het college aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een schuur. Aan die vergunning zijn enkele voorschriften verbonden, waaronder het voorschrift dat binnen 6 maanden na gereedkomen van de schuur de als zodanig op de situatietekening aangegeven te slopen schuren dienen te zijn gesloopt en verwijderd. Ten tijde van het verlenen van die vergunning woonde [appellant] op het perceel [locatie 2], schuin achter het perceel van [partij]. Op 2 februari 2022 heeft [appellant] een verzoek bij het college ingediend om handhavend op te treden tegen het niet voldoen aan de vergunningvoorschriften door [partij]. Bij besluit van 22 juni 2022 heeft het college dat verzoek niet-ontvankelijk verklaard, omdat [appellant] door het college niet als belanghebbende is aangemerkt.
De uitspraak op rechtspraak.nl