ABRvS 18 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:3300

Tijdens de zitting op 19 juni 2025 heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraad mr. H.J.M. Besselink (hierna: de staatsraad) als lid van de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak belast met de behandeling van de zaak nr. 202306825/1/R1. [verzoeker] betoogt dat de staatsraad door zijn afwezigheid op de zitting van 11 juli 2025 heeft berust in de wraking. Hij wijst op een passage in de geschiedenis van de totstandkoming van artikel 8:17 van de Awb (Kamerstukken II 1991/92, 22 495, nr. 3, blz. 113) waarin staat: "Dit artikel maakt het mogelijk dat de rechter wiens wraking is verzocht, afziet van een debat over de gegrondheid van het verzoek". Volgens [verzoeker] heeft de staatsraad afgezien van het bedoelde debat door niet te verschijnen op de zitting van de meervoudige kamer van de Afdeling die het verzoek om wraking behandelt (hierna: de wrakingskamer), en daarmee dus berust.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen