ABRvS 12 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1011
Bij besluit van 10 januari 2023 heeft de Dienst Toeslagen een bedrag van € 2.891,00 van [appellant] teruggevorderd. [appellant] heeft in 2018 en 2019 voorschotten huur- en zorgtoeslagen ontvangen. Omdat na definitieve berekening is gebleken dat zijn inkomen te hoog is, moet [appellant] de voorschotten ten bedrage van € 4.555,00 terugbetalen. Op 7 februari 2020 heeft de Dienst Toeslagen een betalingsregeling getroffen met [appellant], waarbij hij € 184,00 per maand moet betalen. Omdat [appellant] niet heeft voldaan aan zijn maandelijkse betalingsverplichting, heeft de Dienst Toeslagen, bij besluit van 10 januari 2023, de betalingsregeling beëindigd en het volgens de Dienst Toeslagen op dat moment nog openstaande bedrag van € 2.891,00 in één keer van [appellant] teruggevorderd.
De uitspraak op rechtspraak.nl