ABRvS 14 februari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:614

Bij besluit van 21 januari 2020 heeft de korpschef van politie de door hem aan Security Service Limburg B.V. verleende toestemming om [appellant] werkzaamheden te laten verrichten als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus, ingetrokken. De korpschef heeft bij besluit van 19 september 2018 aan Security Service Limburg B.V. toestemming verleend om [appellant] werkzaamheden te laten verrichten als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wpbr. De korpschef heeft de toestemming bij het besluit van 21 januari 2020 ingetrokken. Bij het besluit van 3 juli 2020 heeft de korpschef de intrekking gehandhaafd. De korpschef baseert de intrekking op twee geweldsincidenten in de horecagelegenheid [bedrijf] te Heerlen waarbij [appellant] betrokken was. De korpschef stelt zich naar aanleiding van deze twee incidenten op het standpunt dat er een serieuze verdenking bestaat dat [appellant] tijdens deze incidenten rechtsregels naast zich heeft neergelegd door onnodig, buitenproportioneel geweld te gebruiken tegen personen, waardoor deze personen letsel hebben opgelopen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken