ABRvS 24 december 2024, ECLI:NL:RVS:2024:5373

Bij besluit van 20 januari 2021 heeft de raad voor rechtsbijstand een aanvraag van [appellante] om een vergoeding voor verleende rechtsbijstand afgewezen. [appellante] heeft als advocaat een aanvraag ingediend voor vergoeding van de kosten die zij heeft gemaakt voor verleende rechtsbijstand in een zaak met toevoeging onder nr. 2EY7021. De raad heeft deze aanvraag gelet op artikel 29, vierde lid, van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand afgewezen, omdat de verleende rechtsbijstand onder het bereik van de eerder verleende toevoeging 2EU7955 valt, waarvoor al een vergoeding is uitbetaald. De raad heeft in het besluit van 22 juni 2021 de afwijzing van de aanvraag gehandhaafd en daaraan het volgende ten grondslag gelegd. Bij besluit van 3 april 2014 heeft de raad aan [appellante] een toevoeging onder nummer 2EU7955 verleend voor rechtsbijstand aan een cliënt voor de behandeling van de eerste asielaanvraag die in de A.A./V.A. procedure wordt behandeld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen