ABRvS 13 november 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4609
Bij besluit van 4 november 2019 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de aanvraag van [appellant] om hem een Nederlands paspoort te verstrekken, niet in behandeling genomen. [appellant] heeft op 24 september 2019 bij de Nederlandse ambassade in Londen een aanvraag voor een Nederlands paspoort ingediend. Daaraan heeft hij ten grondslag gelegd dat hij is geboren op [geboortedatum] 1959 en ter staving van deze aanvraag heeft hij onder meer een kopie van een Nederlands paspoort overgelegd dat geldig was van 16 december 1998 tot en met 16 december 2003. Hij heeft in 2003, 2011, 2012, 2014 en 2016 al eerder vanuit het Verenigd Koninkrijk aanvragen voor een Nederlands paspoort ingediend, die alle zijn afgewezen omdat zijn identiteit niet kan worden vastgesteld. Naar eigen zeggen had [appellant] aan die aanvragen zijn correcte geboortedatum, zijnde [geboortedatum] 1935, ten grondslag gelegd. Hij staat in Engeland ook bekend met die geboortedatum. Omdat die eerdere aanvragen zijn afgewezen, heeft [appellant] aan deze aanvraag de geboortedatum ten grondslag gelegd waarmee hij in Nederland bekend staat.
De uitspraak op rechtspraak.nl