ABRvS 25 september 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3877
Bij besluit van 25 augustus 2021 is een verzoek van [appellante] om herziening van een besluit van 2 december 2020 afgewezen. Bij besluit van 22 februari 2022 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Op 24 november 2020 heeft [appellante] een aanvraag ingediend tot het verlenen van erkenning van beroepskwalificaties om te kunnen werken als gastouder in de kinderopvang. Zij heeft haar in Canada behaalde opleidingstitels overgelegd en zich op het standpunt gesteld dat zij een geslaagd beroep kan doen op de Regeling erkenning EU-beroepskwalificaties kinderopvangpersoneel. Bij besluit van 2 december 2020 is deze aanvraag afgewezen. Volgens dat besluit heeft de regeling betrekking op opleidingstitels die zijn behaald in de Europese Unie, de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, zodat de opleidingstitels die door [appellante] zijn behaald in Canada niet onder de reikwijdte van de regeling vallen. [appellante] heeft op 2 maart 2021 bezwaar gemaakt tegen het besluit van 2 december 2020.
De uitspraak op rechtspraak.nl