ABRvS 31 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:363
Bij besluit van 17 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een verzoek van [appellant] tot correctie van zijn adresgegevens in de basisregistratie personen afgewezen. [appellant] stond vanaf 11 juli 2017 in de brp ingeschreven op het adres [locatie A] in Rotterdam. Bij besluit van 24 april 2019 heeft het college [appellant] per 12 december 2018 uit de brp uitgeschreven, omdat hij niet meer op dit adres woonde, geen adreswijziging was doorgegeven en na onderzoek geen feitelijke verblijfplaats van hem bekend was geworden. Naar aanleiding van een aangifte van verhuizing heeft het college [appellant] met ingang van 20 september 2019 weer op het adres [locatie A] ingeschreven. Op 13 maart 2020 heeft [appellant] een correctieverzoek bij het college ingediend om de uitschrijving uit de brp in de periode van 12 december 2018 tot 20 september 2019 ongedaan te maken.
De uitspraak op rechtspraak.nl