ABRvS 21 augustus 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3394

Bij besluit van 28 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van De Ronde Venen het handhavingsverzoek van [appellant] en [persoon A] met betrekking tot de bouw van hun woning aan de [locatie A] te Vinkeveen afgewezen. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie A] in Vinkeveen. Zijn woning is gebouwd door [bouwbedrijf]. Tijdens de bouw van de woning heeft hij het college verzocht om tegen [bouwbedrijf] handhavend op te treden wegens overtreding van onder andere de Wabo en het Bouwbesluit 2012. Het college heeft dit verzoek afgewezen en de afwijzing in het besluit op bezwaar gehandhaafd, onder aanvulling van de motivering. De rechtbank heeft geoordeeld dat [appellant] geen belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn zaak. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat hij geen belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. Hij voert aan dat hij wel belang heeft, omdat hij schade heeft geleden die hij op de gemeente wil verhalen in een civiele procedure.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken