ABRvS 7 augustus 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3212
Bij besluit van 17 december 2021 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellante] om een tegemoetkoming op basis van de Tijdelijke regeling financiële tegemoetkoming voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg afgewezen. De CSG heeft de aanvraag van [appellante] om een tegemoetkoming op basis van de Tijdelijke regeling afgewezen omdat zij niet in Huize Duinzigt is geplaatst ten behoeve van de uitvoering van een jeugdbeschermingsmaatregel. Zij verbleef dus niet onder de verantwoordelijkheid van de overheid in de instelling, zoals bedoeld in artikel 2, derde lid, van de Tijdelijke regeling. Ook kan de plaatsing van [appellante] in Huize Duinzigt niet gelijk gesteld worden aan een plaatsing onder verantwoordelijkheid van de overheid, zoals bedoel in artikel 2, vierde lid, van de Tijdelijke regeling. De CSG heeft onderzocht of er minderjarigen onder verantwoordelijkheid van de overheid in Huize Duinzigt verbleven en dit bleek niet het geval te zijn. [appellante] heeft niets tegenover deze conclusie gesteld.
De uitspraak op rechtspraak.nl