ABRvS 5 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2326

Bij besluiten van 30 november 2020 en 14 december 2020 heeft de raad voor rechtsbijstand twee aanvragen van [appellant] om een vergoeding voor verleende rechtsbijstand afgewezen. De raad heeft bij besluit van 15 november 2013 een toevoeging verleend met kenmerk 3HY3816 voor door [appellant] te verlenen rechtsbijstand. De rechtsbijstand waarvoor de toevoeging is verleend is geëindigd met de einduitspraak van het hof Arnhem-Leeuwarden van 12 augustus 2014. De raad heeft bij besluit van 18 juni 2014 een toevoeging verleend met kenmerk 3IF2382 voor door [appellant] te verlenen rechtsbijstand. De rechtsbijstand waarvoor deze toevoeging is verleend is geëindigd met de einduitspraak van de rechtbank Rotterdam van 20 juni 2014. [appellant] heeft op 7 november 2020 en op 23 november 2020 twee aanvragen ingediend om een vergoeding van de rechtsbijstand die hij op grond van de toevoegingen met kenmerken 3HY3816 en 3IF2382 heeft verleend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken