ABRvS 4 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2284
Bij besluit van 20 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag geweigerd aan [wederpartij] een omgevingsvergunning te verlenen voor het veranderen van de indeling van een woning aan de [locatie] te Den Haag. Hij wil op het pand twee extra bouwlagen maken voor vier studentenwoningen. Volgens het college voldoet de aanvraag niet aan de parkeernormen als opgenomen in artikel 5.1 van het bestemmingsplan "Parapluherziening (fiets)parkeren". Daarnaast is niet voldoende aannemelijk gemaakt dat het bouwen van het bouwwerk voldoet aan het Bouwbesluit 2012 op het punt van de constructieve veiligheid. Bij uitspraak van 18 januari 2024 heeft de rechtbank het daartegen ingestelde beroep van [wederpartij] gegrond verklaard. De rechtbank heeft onder meer overwogen dat artikel 5.1 van het bestemmingsplan "Parapluherziening (fiets)parkeren" in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel en onverbindend moet worden geacht. Het college heeft daarom de aanvraag niet kunnen toetsen aan deze planregel, zodat het niet in overeenstemming met deze planregel voorzien in voldoende parkeergelegenheid geen weigeringsgrond kan zijn.
De uitspraak op rechtspraak.nl