ABRvS 24 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:222
Bij besluit van 22 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schiermonnikoog geweigerd aan [wederpartij] een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een berging in de overtuin [locatie 1], behorende bij de woning [locatie 2]. Achter de woning van [wederpartij] ligt een zogeheten overtuin. In die overtuin, tegen de westelijke perceelsgrens, stond een berging. Het college heeft [wederpartij] in 2014 een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een nieuwe berging op het perceel, tegen de oostelijke perceelsgrens. In 2017 is geconstateerd dat de berging in afwijking van de verleende omgevingsvergunning verder naar achteren op het perceel is gebouwd. Om de berging te legaliseren heeft [wederpartij] op 14 juli 2019 een aanvraag ingediend om verlening van een omgevingsvergunning. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat het bouwplan voldoet aan het Bouwbesluit 2012 en de Bouwverordening. Het heeft zich verder op het standpunt gesteld dat het bouwplan niet in strijd is met de bestemming "Overtuin" en de dubbelbestemming "Waarde - Beschermd Dorpsgezicht". Het college heeft geweigerd de gevraagde omgevingsvergunning te verlenen.
De uitspraak op rechtspraak.nl