ABRvS 22 februari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:675
Op 12 september 2022 heeft het college [verzoeker] een toegangsverbod voor onbepaalde duur opgelegd voor de gebouwen, terreinen en voorzieningen van de universiteit. [verzoeker] heeft beroep ingesteld vanwege niet tijdig beslissen en daarbij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Het college heeft [verzoeker] de toegang ontzegd tot de gebouwen, terreinen en voorzieningen van de universiteit. [verzoeker] is het daar niet mee eens. De voorzieningenrechter van het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs heeft zich bij mondelinge uitspraak van 14 november 2022 (CBHO nr. 2022/150.1) onbevoegd geacht om van een door [verzoeker] ingediend verzoek om een voorlopige voorziening kennis te nemen. De voorzieningenrechter van het CBHO heeft hieraan ten grondslag gelegd dat het toegangsverbod geen grondslag vindt in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. [verzoeker] heeft - nadat het CBHO is opgehouden te bestaan - bij de Afdeling beroep ingesteld vanwege niet tijdig beslissen en daarbij tevens om een voorlopige voorziening gevraagd.
De uitspraak op rechtspraak.nl