ABRvS 20 december 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4782

Bij besluit van 11 februari 2021 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het verzoek van [appellant] om kennisneming van de bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst over hem aanwezige gegevens gedeeltelijk toegewezen. Op 19 mei 2020 heeft [appellant] een verzoek ingediend op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 om inzage in de gegevens die op hem betrekking hebben. De minister heeft in zijn besluit op dit verzoek een inzagedossier verstrekt, bestaande uit 322 bewerkte fotokopieën van niet-actuele gegevens over [appellant] en 92 toelichtingsformulieren. Op de toelichtingsformulieren heeft de minister toegelicht waarom delen van teksten onleesbaar zijn gemaakt. Het verzoek van [appellant] is door de minister afgewezen, voor zover het actuele gegevens betreft, persoonsgegevens van derden of gegevens die zicht geven op een actuele werkwijze of bronnen van de AIVD. Hiertegen heeft [appellant] bezwaar gemaakt en, na ongegrondverklaring daarvan, beroep ingesteld. De rechtbank heeft geoordeeld dat [appellant] niet aannemelijk heeft gemaakt dat er meer niet-actuele gegevens over hem bij de AIVD zijn dan al aan hem zijn verstrekt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken