ABRvS 6 december 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4521

Bij besluit van 24 april 2020 heeft het college vastgesteld dat het geen dwangsom is verschuldigd wegens het niet tijdig beslissen op het door [appellante] ingediende bezwaar tegen een besluit op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. Op 16 november 2019 heeft [appellante] bij het college een verzoek gedaan op grond van de Wob. Op 2 december 2019 heeft het college een besluit genomen op dit verzoek waartegen [appellante] op 3 december 2019 bezwaar heeft gemaakt. Op 6 april 2020 heeft [appellante] het college in gebreke gesteld, omdat het volgens haar niet tijdig heeft beslist op het bezwaar van 3 december 2019. Bij besluit van 24 april 2020 heeft het college vastgesteld dat het geen dwangsom is verschuldigd. In dit geschil gaat het alleen om de vraag of het college een dwangsom is verschuldigd. De rechtbank heeft het beroep van [appellante] ongegrond verklaard en geoordeeld dat het college terecht geen dwangsom heeft toegekend omdat [appellante] haar ingebrekestelling te vroeg heeft ingediend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen