ABRvS 25 januari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:297

Bij besluit van 25 augustus 2021 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen het rijbewijs van [appellant] ongeldig verklaard. Op 26 januari 2021 heeft de korpschef een mededeling als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 gedaan aan de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen van het vermoeden dat [appellant] niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid om een personenauto te besturen. Bij besluit van 26 februari 2021 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen [appellant] daarom een rijvaardigheidsonderzoek opgelegd. [appellant] is opgeroepen om op 7 juni 2021 het rijvaardigheidsonderzoek af te leggen. Op 4 juni 2021 hebben de dochters en de gemachtigde van [appellant] telefonisch contact opgenomen met het CBR en meegedeeld dat [appellant] Coronaklachten heeft, waardoor hij verhinderd is het rijvaardigheidsonderzoek af te leggen. Het CBR heeft [appellant] vervolgens opnieuw opgeroepen voor het rijvaardigheidsonderzoek. Het rijvaardigheidsonderzoek is ingepland op 13 augustus 2021, waar [appellant] niet verschenen is.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen