ABRvS 1 februari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:249
Bij besluit van 16 december 2019 heeft de hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Zuid-Nederland geweigerd [appellant sub 1] en andere ontheffing te verlenen van het verbod om in de Maas ligplaats te nemen voor het afmeren van één vaartuig van maximaal 130 m lang en 12 m breed langs een droogdok. [appellant sub 1] is enig aandeelhouder en directeur van Holding Scheepswerf Heerewaarden B.V. Deze holding leent geld uit aan Scheepswerf Heerewaarden B.V. en is eigenaar van de onroerende zaken van de scheepswerf. De scheepswerf ligt aan de Maas in Heerewaarden en bestaat al sinds 1925. [appellant sub 1] is eigenaar van [blusboot] en wil die afmeren aan een bij de scheepswerf gelegen droogdok. Daarvoor hebben [appellant sub 1] en andere een ontheffing nodig van het verbod om in de Maas ligplaats in te nemen. Daarom hebben zij de hoofdingenieur-directeur op 2 september 2019 verzocht om op grond van artikel 9.03, zesde lid, van het Binnenvaartpolitiereglement een ontheffing te verlenen om ter hoogte van kilometerraai 205,8 in de Maas langs het droogdok een vaartuig af te meren van maximaal 130 m lang en 12 m breed.
De uitspraak op rechtspraak.nl