ABRvS 5 april 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1368

Bij besluit van 6 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het gebruik van het perceel [locatie 1] te Zandvoort afgewezen. [appellant] woont aan de [locatie 2], ten zuiden van het perceel dat in eigendom is van [partij]. [appellant] heeft een verzoek om handhaving bij het college ingediend vanwege het gebruik van het perceel voor (recreatieve) bewoning, waarvan hij stelt overlast te ervaren. Het gebruik van het perceel als (recreatie)woning is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Het college heeft het handhavingsverzoek voor zover het gaat om permanente bewoning afgewezen omdat op het perceel niet permanent wordt gewoond. In geschil is de afwijzing van het verzoek in verband met recreatieve bewoning. Het college heeft zich wat betreft het recreatieve gebruik op het standpunt gesteld dat het van handhavend optreden heeft mogen afzien omdat handhavend optreden gelet op de gedane toezeggingen aan [partij] onevenredig is.

De uitspraak op rechtspraak.nl