ABRvS 2 maart 2022, ECLI:NL:RVS:2022:643
Bij besluit van 20 december 2018 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de ten behoeve van [appellant] verstrekte toevoeging voor gesubsidieerde rechtsbijstand met kenmerk IGZ4954 ingetrokken. De raad heeft aan mr. D.M. Gijzen, advocaat te Heerlen, een toevoeging met kenmerk IGZ4954 verstrekt voor het verlenen van rechtsbijstand aan [appellant] in een procedure tegen het UWV. Als resultaat van deze zaak heeft [appellant] met terugwerkende kracht twee bedragen aan Wajong-uitkering ontvangen van in totaal € 30.476,74. Dit is meer dan 50% van het heffingvrije vermogen in 2018, te weten € 15.000,00. Daarom heeft de raad bij het besluit van 20 december 2018 op grond van artikel 34g, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet op de rechtsbijstand in samenhang gelezen met de werkinstructie ‘Resultaatbeoordeling’, de toevoeging met kenmerk IGZ4954 ingetrokken. Dit leidt ertoe dat [appellant] ongeveer € 3.000,00 aan Gijzen moet betalen.
De uitspraak op rechtspraak.nl