ABRvS 12 januari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:58
Bij besluit van 8 januari 2019 heeft de raad voor rechtsbijstand de aan [appellant] voor verleende rechtsbijstand toegekende vergoeding ingetrokken. [appellant] is rechtsbijstandverlener en neemt deelt aan het High Trust-programma van de raad. Uitgangspunt van dit programma is dat de vraag of een zaak toevoegingswaardig is niet langer door de raad naar aanleiding van een toevoegingsaanvraag, maar door de rechtsbijstandverlener voorafgaande aan het indienen van de aanvraag wordt beoordeeld. Afgegeven toevoegingen en vastgestelde vergoedingen worden vervolgens achteraf steekproefsgewijs gecontroleerd. De eerste toevoeging is verstrekt voor een vordering tot toegang tot de huurwoning van [cliënt], die gedwongen is ontruimd. De tweede toevoeging is verstrekt voor een vordering tot afgifte van de persoonlijke eigendommen van [cliënt] na die gedwongen ontruiming en een betwisting van de vordering tot betaling van de transport-/verhuiskosten en opslagkosten.
De uitspraak op rechtspraak.nl