ABRvS 23 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:555

Bij besluit van 24 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Westland een handhavingsverzoek van [appellante] afgewezen. [appellante] woont in de woning aan de [locatie 1] in Monster, die zij in 2013 heeft laten bouwen. Die woning staat in de nabijheid van de woning aan de [locatie 2]. Langs haar woning loopt de zogeheten tuinderslaan. Volgens [appellante] was de tuinderslaan een uitweg in de zin van de Algemene plaatselijke verordening. Parallel langs de tuinderslaan lag een van die laan gescheiden pad voor langzaamverkeer. In 2016 zijn de tuinderslaan en het pad samengevoegd tot één weg. Van het intensieve gebruik van de nieuwe weg ervaart [appellante] overlast. Zij verwacht dat die overlast alleen maar groter wordt als er in de omgeving nieuwe woningen worden gebouwd. Op 30 april 2019 heeft zij het college verzocht handhavend op te treden tegen de veranderingen aan de tuinderslaan, zodat de vorige situatie met twee van elkaar gescheiden wegen wordt hersteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken