ABRvS 16 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:490

Bij besluit van 29 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellante] stelt geboren te zijn in Wau, Soedan, op [geboortedatum] 1976 en de Soedanese nationaliteit te hebben. Zij is sinds 1998 in Nederland en beschikt over een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat er twijfel bestaat over de identiteit en nationaliteit van [appellante]. [appellante] heeft namelijk eerder, op 29 december 2009, een naturalisatieverzoek ingediend. Toen is gebleken dat [appellante] op 9 januari 2001 staande is gehouden en daarbij heeft verklaard [persoon] te zijn, geboren op [geboortedatum] 1982 en afkomstig uit Sierra Leone. In 2004 is zij wederom staande gehouden en gaf zij weer aan [persoon] te zijn. Dit heeft ertoe geleid dat het Bureau Land en Taal een taalanalyse heeft laten uitvoeren.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken