ABRvS 21 december 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3859

Bij besluit van 4 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten afgewezen. [appellant] heeft de staatssecretaris bij brief van 31 december 2019 verzocht om documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur openbaar te maken. Hij heeft het volgende verzocht: "Met een beroep op de WOB wordt verzocht de navolgende mondeling gegeven informatie schriftelijk te bevestigen. Ten aanzien van de beschikkingen [...] is door de beslisambtenaar mondeling aan ondergetekende uitgelegd dat de staatsecretaris deze vergunningen heeft verleend op grond van de overweging dat getoetst moet worden wat de betrokken vreemdelingen te wachten staat bij terugkeer in Afghanistan op het moment van de beschikking. ‘Doortoetsen’ noemde de ambtenaar dit. Deze informatie is neergelegd in de minuut achter de beschikking. (…) Dat de beschikkingen van 22 april 2017 onderbouwd zijn met een motivering van deze aard en strekking weet ik al. [...]. Maar deze bestaande informatie, welke mondeling is verkregen, blijft in rechtszaken buiten beschouwing, omdat schriftelijk bewijs ervan ontbreekt. Thans wordt gevraagd om deze informatie op schrift te bevestigen."

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken