ABRvS 14 december 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3732

Bij besluit van 9 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [appellante] ten behoeve van haar zoon [naam] de voorziening begeleid openbaar vervoer toegekend door verstrekking van twee abonnementen voor het openbaar vervoer voor de periode van 4 januari 2021 tot en met 31 juli 2021. [appellante] heeft op 16 oktober 2020 een verzoek ingediend voor bekostiging van leerlingenvervoer voor haar zoon [naam] op basis van taxivervoer van zijn thuisadres naar basisschool [school] aan de [locatie] in Rotterdam. Dit is een basisschool voor speciaal onderwijs. De toekenning is gebaseerd op de hardheidsclausule zoals opgenomen in artikel 24 van de Verordening leerlingenvervoer Rotterdam 2015. In artikel 10 staat namelijk dat bekostiging van openbaar vervoerskosten alleen mogelijk is als de school op een afstand van meer dan 6 km van de woning ligt. Niet in geschil is dat de school dichterbij ligt, zodat aan dit vereiste niet is voldaan. Op grond van het beleid zoals opgenomen in artikel 6 van het Besluit toepassing Verordening leerlingenvervoer Rotterdam 2020 heeft het college echter met toepassing van de hardheidsclausule toch een voorziening toegekend omdat het inkomen van [appellante] en haar echtgenoot lager is dan het minimumloon.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken