ABRvS 16 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3273
Bij besluit van 13 maart 2019 heeft het CBR [appellant] laten weten hem niet rijgeschikt te vinden voor het besturen van motorvoertuigen in de rijbewijscategorieën C en CE (vrachtwagen en bus) binnen Nederland. [appellant] heeft in 2016 verzocht om een verlenging van zijn rijbewijs voor het besturen van vrachtwagens. Daarvoor moest hij een ‘Verklaring van geschiktheid’ bij het CBR aanvragen. Dat is een verklaring waarmee een aanvrager kan aantonen dat hij geestelijk en lichamelijk in staat is om een motorvoertuig te besturen. Op éénjarige leeftijd heeft [appellant] een ongeluk gehad en hij heeft daarbij een schedelbasisfractuur opgelopen. Als gevolg hiervan heeft [appellant] een beperkt horizontaal gezichtsveld. Hij heeft de aandoening ‘hemianopsie’. Het CBR vond het daarom in het kader van de aanvraag voor een Verklaring van geschiktheid nodig om [appellant] te laten onderzoeken door een oogarts. Uit een advies van 11 januari 2017 volgt dat deze oogarts [appellant] geschikt heeft bevonden voor het besturen van vrachtwagens. In het kader van deze aanvraag heeft [appellant] ook een geneeskundig verslag van 25 augustus 2016 overgelegd van een andere arts die hem ook al geschikt heeft bevonden. Het CBR heeft de Verklaring van geschiktheid, ondanks het positieve advies van de oogarts geweigerd. De reden voor deze weigering is het beperkte gezichtsveld van [appellant].
De uitspraak op rechtspraak.nl