ABRvS 10 augustus 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2309

Bij besluit van 18 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [bedrijf] een boete van € 20.500,- opgelegd. [appellant] is directeur en enig aandeelhouder van [bedrijf]. [bedrijf] is een schoonmaakbedrijf en houdt zich daarnaast bezig met het uitzenden van personen in de schoonmaaksector. Vanaf 13 juni 2018 huurde [bedrijf] een woning op het adres [locatie] in Amsterdam. Naar aanleiding van een melding hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam op 11 september 2018 de woning bezocht. Van dit onderzoek hebben de toezichthouders een rapport van bevindingen op ambtsbelofte opgemaakt. Het college heeft zich, op grond van de resultaten van het onderzoek, op het standpunt gesteld dat [bedrijf] artikel 21, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet 2014 heeft overtreden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken