ABRvS 13 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1985
Bij brief van 10 mei 2021 heeft [appellante] beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de Belastingdienst/Toeslagen op haar verzoek om herstel van toeslagen van 28 december 2020. Bij brief van 28 december 2020 heeft [appellante] het ministerie van Financiën verzocht om haar in aanmerking te nemen voor het herstel van toeslagen voor de jaren 2007 tot en met 2012. Zij heeft daarbij ook gevraagd om informatie over de Uitvoeringsdienst Herstel Toeslagen. Bij brief van 6 januari 2021 heeft het directoraat-generaal Belastingdienst [appellante] een ontvangstbevestiging van haar brief gestuurd. Bij brief van 10 mei 2021 heeft [appellante] beroep ingesteld wegens het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag. Bij brief van 30 juli 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen aan [appellante] te kennen gegeven dat haar verzoek op onjuiste wijze is verwerkt waardoor hij hierop niet tijdig en adequaat heeft gereageerd.
De uitspraak op rechtspraak.nl