ABRvS 13 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1974
Bij besluit van 19 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellant] om inzage in zijn persoonsgegevens deels ingewilligd. [appellant] heeft op 4 juni 2019 en 23 augustus 2019 de staatssecretaris op grond van artikel 12 en artikel 15, eerste lid, van de Algemene verordening gegevensbescherming (EU) 2016/679 verzocht om inzage in de persoonsgegevens die door de Immigratie- en Naturalisatiedienst in het kader van zijn asielprocedures over hem zijn verwerkt vanaf 1 januari 2010. De staatssecretaris heeft een overzicht verstrekt van de over [appellant] verwerkte persoonsgegevens. Ook is informatie verstrekt over wat de herkomst van die gegevens is, wat het doel van de verwerkingen is, aan wie de gegevens eventueel zijn verstrekt, hoe lang deze gegevens naar verwachting zullen worden opgeslagen en is meegedeeld dat geen sprake is van geautomatiseerde besluitvorming.
De uitspraak op rechtspraak.nl