ABRvS 1 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1552
Bij besluit van 6 januari 2020 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een Educatieve Maatregel Gedrag en Verkeer opgelegd. Op 17 december 2019 heeft een politieagent van de eenheid Oost-Nederland [appellant] staande gehouden omdat hij met zijn bestelbus verschillende verkeersovertredingen beging. De korpschef van de politie-eenheid Oost-Nederland heeft vervolgens een mededeling als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 aan het CBR gedaan. De korpschef heeft in de mededeling vijf gedragingen van [appellant] opgenomen, namelijk onnodig links rijden, het overschrijden van een doorgetrokken streep, het niet volgen van de juiste rijbaan op een rotonde, het niet gebruiken van de richtingaanwijzers en het tweemaal negeren van een stopteken van de politie. Het CBR heeft op basis van de zogenoemde artikel 130-mededeling aan [appellant] bij het besluit van 6 januari 2020 een EMG opgelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl