ABRvS 12 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:978
Bij besluit van 30 juli 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. De vreemdeling is geboren op [dag-maand] 1988 en heeft de Iraanse nationaliteit. Zij heeft aan haar asielaanvraag ten grondslag gelegd dat zij in Iran wegens haar bekering tot het christendom problemen heeft gekregen. De inlichtingendienst heeft een inval in haar woning gedaan en na onderzoek belastend materiaal gevonden en meegenomen. Als gevolg hiervan heeft de vreemdeling samen met haar echtgenoot Iran verlaten. De staatssecretaris heeft de door de vreemdeling gestelde bekering tot het christendom en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig geacht.
De uitspraak op rechtspraak.nl