ABRvS 7 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:749
Bij uitspraak van 26 juni 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2024, heeft de Afdeling de hoger beroepen Genetic S.p.a. en het CBG ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank van 8 mei 2018, ECLI:NL:RBNHO:2018:3887, bevestigd. De Afdeling heeft verder bepaald dat tegen het door het college ter beoordeling van geneesmiddelen te nemen besluit op bezwaar van Théa Pharma B.V. en Laboratoires Théa slechts bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld. Bij besluit van 21 januari 2015 heeft het CBG aan Genetic een handelsvergunning voor het geneesmiddel Xalmono verleend. Laboratoires Théa heeft sinds 3 oktober 2012 een handelsvergunning voor het geneesmiddel Monoprost. Beide geneesmiddelen bevatten de werkzame stof Latanoprost. Op 17 maart 2017 heeft Laboratoires Théa het CBG verzocht de handelsvergunning voor Xalmono, gelet op de door haar bijgevoegde informatie, te heronderzoeken en te heroverwegen.
De uitspraak op rechtspraak.nl