ABRvS 24 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:615
Bij besluit van 6 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Almelo [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast het handelen in strijd met het bestemmingsplan te (laten) staken en gestaakt te houden door de bedrijfsactiviteiten van ‘[bedrijf]’ op het perceel [locatie] in Aadorp te beëindigen en beëindigd te houden. [appellant] exploiteert sinds januari 2017 een cateringbedrijf onder de naam ‘[bedrijf]’ in een door haar gehuurde loods op het perceel. De loods fungeert ook als kantine voor de lokale biljart- en dartvereniging en als keuken voor privédoeleinden. Op het perceel staat ook een woning. Omdat tijdens controles op 19 september 2017, 16 november 2017 en 7 en 8 december 2017 is geconstateerd dat ter plaatse maaltijden in een professionele keuken worden bereid en dat deze maaltijden met de auto worden bezorgd bij de klant, heeft het college besloten om in het besluit van 6 juli 2018 een last onder dwangsom aan [appellant] op te leggen.
De uitspraak op rechtspraak.nl