ABRvS 13 januari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:34
Bij besluit van 4 juni 2018 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een aanvraag van [appellante] om een toevoeging voor rechtsbijstand afgewezen. [appellante] heeft een aanvraag om een toevoeging voor rechtsbijstand ingediend in verband met het voeren van verweer in hoger beroep in een verbintenisrechtelijk geschil met haar ex-partner. De raad heeft de aanvraag van [appellante] om een toevoeging voor rechtsbijstand afgewezen omdat het vastgestelde vermogen van [appellante] in 2016 de wettelijk vastgestelde financiële grenzen overschrijdt. Daarbij heeft de raad zich op het standpunt gesteld dat hij, wat betreft de inkomens- en vermogensgegevens, dient uit te gaan van de gegevens die hij ontvangt van de Belastingdienst. Volgens de raad volgt uit de artikelen 1 en 34 van de Wet op de rechtsbijstand een zogenoemde afnameplicht.
De uitspraak op rechtspraak.nl