ABRvS 22 december 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2916
Bij besluit van 20 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [bedrijf] voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met de [vijf bedrijfsvaartuigen] afgewezen. Op 8 juni 2017 heeft [bedrijf] een aanvraag gedaan voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met de [vijf bedrijfsvaartuigen]. Bij het besluit van 20 maart 2018 heeft het college de aanvraag afgewezen, omdat er een vergunningstop gold. Op 8 januari 2019 heeft het college de Regeling uitgifteronde 2022 voor exploitatievergunningen passagiersvaart vastgesteld. In artikel 1, eerste lid, van die regeling is bepaald dat een exploitatievergunning voor passagiersvaart slechts wordt verleend indien daarvoor een aanvraag is ingediend in de periode tussen 1 maart 2020 en 31 maart 2020. In het tweede lid is bepaald dat aanvragen die zijn ingediend in een andere periode worden afgewezen. Ook heeft het college de RPA 2013 gewijzigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl