ABRvS 8 december 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2743
Bij besluit van 14 april 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellant] afgewezen om bij de berekening van zijn recht op huurtoeslag over 2018 bijzonder inkomen buiten beschouwing te laten. [appellant] heeft in 2018 van het UWV een nabetaling ontvangen van zijn WIA-uitkering van € 19.082,53, waarvan een bedrag van € 17.633,09 betrekking heeft op de jaren 2013-2017. De nabetaling betreft een verhoging in verband met hulpbehoevendheid. Dit is een verhoging als bedoeld in artikel 2b, eerste lid, onder e van het Besluit op de huurtoeslag. Op grond van die bepaling wordt een dergelijke verhoging op verzoek bij het berekenen van het recht op huurtoeslag buiten beschouwing gelaten, voor zover het bedrag van de verhoging niet hoger is dan het in artikel 6.20, eerste lid, onderdeel a, van de Wet inkomstenbelasting 2001 genoemde drempelbedrag voor uitgaven van specifieke zorgkosten.
De uitspraak op rechtspraak.nl