ABRvS 6 oktober 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2233

Bij besluit van 12 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat hij de identiteit en nationaliteit van [appellante] niet met zekerheid kan vaststellen. Uit de verklaring van onderzoek van Bureau Documenten van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (thans: Team Onderzoek en Expertise Documenten, hierna: TOED) van 19 december 2018 en de aanvullende e-mail van 1 april 2020 blijkt namelijk dat het door [appellante] overgelegde Burundese paspoort niet door de bevoegde autoriteiten is opgemaakt en afgegeven. [appellante] heeft het paspoort verkregen op basis van haar Nederlandse verblijfsdocument, terwijl uit de algemene ambtsberichten van de minister van Buitenlandse Zaken blijkt dat voor de afgifte van een Burundees paspoort een Burundese identiteitskaart en een verklaring van de volledige identiteit moeten worden overgelegd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken