ABRvS 1 september 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1962

Bij besluit van 16 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer besloten tot invordering van een volgens hem door [appellant A] verbeurde dwangsom van € 1.500,00. Het college heeft [appellant A] bij besluit van 28 februari 2019 drie lasten onder dwangsom opgelegd. Het college heeft haar gelast om op het perceel [locatie A] te [plaats] uiterlijk op 28 april 2019 een betonnen bloembak en een hekwerk links naast die bloembak geheel te verwijderen en verwijderd te houden. Verder heeft het college haar gelast een hekwerk met een hoogte van 196 cm en een breedte van 365 cm, dat rechts van de bloembak is gerealiseerd, geheel te verwijderen en verwijderd te houden of te verlagen naar een hoogte van maximaal 1 m. Aan de laatste last is een dwangsom verbonden van € 1.500,00 ineens. [appellant A] en [appellant B] hebben geen rechtsmiddelen aangewend tegen de lasten onder dwangsom. [appellant A] heeft aan de eerste twee lasten voldaan, maar niet tijdig aan de derde last.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken