ABRvS 25 augustus 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1909

Bij besluit van 3 augustus 2018 heeft de raad voor rechtsbijstand het verzoek van [wederpartij] om de toevoeging met kenmerk 3EM6370 (nu: 4HR2713) in te trekken, afgewezen. [wederpartij] is advocaat en heeft op basis van een toevoeging van 7 november 2006 met kenmerk 3EM6370 rechtsbijstand verleend aan [partij] in een beroepsprocedure in het kader van haar echtscheiding. De rechtbank Den Haag heeft bij beschikking van 1 mei 2009 bepaald dat de ex-echtgenoot van [partij] in verband met de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap aan haar een bedrag van € 143.671,09 verschuldigd is. Hiertegen heeft de ex-echtgenoot hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Den Haag. In de hogerberoepsprocedure heeft een andere advocaat, Loonstein, rechtsbijstand verleend aan [partij]. De raad heeft daarvoor een aparte toevoeging verleend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken