ABRvS 14 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1510

Bij besluit van 2 oktober 2018 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, thans: de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een bestuurlijke boete van € 8.500,00 aan [appellante] opgelegd vanwege een overtreding van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag en besloten tot openbaarmaking van inspectiegegevens. Tijdens een inspectie op 23 november 2017 heeft een arbeidsinspecteur van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid geconstateerd dat [appellante] het minimumloon aan tien van haar werknemers in de periode van 1 maart 2017 tot en met 30 september 2017 anders dan giraal heeft betaald. Dat is in strijd met artikel 7a, eerste lid, van de Wml. Naar aanleiding van het door de arbeidsinspecteur opgemaakte boeterapport van 9 augustus 2018 heeft de staatssecretaris aan [appellante] een boete van € 8.500,00 opgelegd. De staatssecretaris heeft de boete niet in verband met de draagkracht van [appellante] gematigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken