ABRvS 2 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1167

Bij besluit van 18 juni 2018 heeft de burgemeester van Utrecht het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden met betrekking tot de geluidsoverlast die zij ondervindt van de bezoekers van TivoliVredenburg afgewezen. [appellante] woont aan de [locatie] te Utrecht. Onder meer vanwege de geluidsoverlast die zij ondervindt van de bezoekers van Tivoli, heeft zij de burgemeester op 24 april 2018 verzocht om daartegen handhavend op te treden. De burgemeester heeft dat verzoek bij besluit van 18 juni 2018, gehandhaafd bij besluit van 14 november 2018, afgewezen. De rechtbank heeft in haar uitspraak overwogen dat gelet op de omgeving waar [appellante] woont, namelijk het stadscentrum met een uitgaansgebied, enige mate van geluidsoverlast valt te verwachten. [appellante] heeft niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van onaanvaardbare geluidsoverlast, zodat de burgemeester geen aanleiding heeft hoeven zien om handhavend op te treden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen