ABRvS 19 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1050

Bij besluit van 20 juli 2018 heeft de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media uitkeringskosten ten bedrage van € 9.018,72 respectievelijk € 170.397,53 in mindering gebracht op het aan Stichting ASKO verstrekte bekostigingsbedrag ten behoeve van personeelskosten. Met ingang van 1 augustus 2007 is het dienstverband van een voormalige medewerker van de onder het gezag van Stichting ASKO vallende bassischool ‘De Waaier’ geëindigd. Vervolgens heeft de medewerker tot en met 31 december 2012 een uitkering op grond van de Werkloosheidswet ontvangen. Vanaf 1 januari 2011 had de medewerker recht op een bovenwettelijke aansluitende uitkering. Uitbetaling van deze aansluitende uitkering heeft plaatsgevonden vanaf 1 januari 2014. De minister heeft in het besluit van 20 juli 2018 kosten in verband met de bovenwettelijke aansluitende uitkering van de medewerker in mindering gebracht op het bekostigingsbedrag voor het schooljaar 2017-2018 van de onder het gezag van Stichting ASKO vallende basisschool.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken