ABRvS 8 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:987
Bij besluit van 10 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. De staatssecretaris heeft het asielverzoek van de vreemdeling niet in behandeling genomen, omdat Italië verantwoordelijk is voor de inhoudelijke behandeling daarvan. De vreemdeling betoogt dat Nederland verantwoordelijk is, omdat zij en haar kind, geboren in Italië onmenselijk zullen worden behandeld (artikel 3 van het EVRM) vanwege het ontbreken van voldoende en adequate opvangvoorzieningen in Italië voor bijzonder kwetsbare vreemdelingen, zoals zij en haar kind.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 8 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:986
- ABRvS 12 juni 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1861
- ABRvS 19 december 2018, ECLI:NL:RVS:2018:4131
- EHRM 28 juni 2016, ECLI:CE:ECHR:2016:0628DEC001563616
- ABRvS 7 oktober 2015, ECLI:NL:RVS:2015:3209
- EHRM 4 november 2014, ECLI:CE:ECHR:2014:1104JUD002921712
- ABRvS 5 september 2012, ECLI:NL:RVS:2012:388