ABRvS 16 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2983
Bij besluit van 22 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hoeksche Waard geweigerd handhavend op te treden tegen het plaatsen van schuttingen en tuinhuizen op de percelen grenzend aan [locatie 1], [locatie 2], [locatie 3], [locatie 4], [locatie 5] en [locatie 6] te Numansdorp. [appellant] woont op het perceel [locatie 7]. Enkele jaren geleden hebben hij en de andere eigenaren van woningen aan de Goudvink de mogelijkheid gekregen om hun tuin te vergroten door een stuk grond aan de achterzijde van hun bestaande tuin te kopen. [appellant] heeft dat niet gedaan. Andere eigenaren wel en zij hebben op het aangekochte deel tuinhuizen en schuttingen gebouwd. [appellant] heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen het plaatsen van deze schuttingen en tuinhuizen op de in het procesverloop vermelde percelen. Volgens [appellant] is voor het plaatsen daarvan een omgevingsvergunning nodig en is die niet verleend.
De uitspraak op rechtspraak.nl