ABRvS 16 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2978
Bij besluit van 30 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een verzoek van [appellant] om schadevergoeding afgewezen. Bij brief van 24 oktober 2016 heeft [appellant] het college verzocht om zijn registratie in de Basisregistratie personen te herstellen, omdat hij nooit uit Nederland is vertrokken en ten tijde van het besluit van 6 december 2012 over een geldige verblijfsvergunning beschikte. Bij besluit van 18 november 2016 heeft het college dat verzoek onder verwijzing naar artikel 4:6 van de afgewezen. Bij besluit van 28 maart 2017 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 9 mei 2017 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 18 juli 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:2435) heeft de Afdeling het door [appellant] daartegen ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard.
De uitspraak op rechtspraak.nl