ABRvS 2 december 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2871

Bij afzonderlijke besluiten van 19 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Simpelveld aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd, inhoudende het met het bestemmingsplan strijdige gebruik van het verblijfsobject aan de [locatie 1] te Bocholtz te beëindigen en beëindigd te houden en de in strijd met de omgevingsvergunning gerealiseerde bouwwerken en/of bouwonderdelen bij/van dit object te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant A] is eigenaar en bewoner van het perceel aan de [locatie 2] te Bocholtz. Bij besluit van 9 april 2014 heeft het college een door [appellant B] gevraagde omgevingsvergunning voor splitsing van de woning op het perceel in twee zelfstandige wooneenheden geweigerd. Dit besluit is in rechte onaantastbaar geworden. Aan de geschakelde berging is bij besluit van 21 januari 2019 door het college het huisnummer [locatie 1] toegekend. Dit object wordt bewoond door [appellant B] en zijn echtgenote, de ouders van [appellant A].

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken