ABRvS 28 oktober 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2559

Bij besluit van 24 december 2018 heeft de minister voor Rechtsbescherming het verzoek van [vader] om een afschrift van het raadsdossier van de Raad voor de Kinderbescherming over [naam zoon], de zoon van [vader] en [appellante], ingewilligd. [appellante] en [vader] hebben in 2010 een relatie gekregen en daaruit is op 26 juli 2012 een zoon geboren: [naam zoon]. De relatie is in 2013 beëindigd. Tussen de beide ouders zijn veel conflicten ontstaan, onder meer over [zoon]. [appellante] heeft de Raad bij e-mailbericht van 31 oktober 2018 verzocht om een afschrift van de raadsdossiers van [zoon] en van haar op 9 januari 2014 geboren dochter [naam dochter]. [vader] heeft de Raad per e-mail van 8 november 2018 desgevraagd medegedeeld dat hij instemt met het ter inzage geven aan [appellante] van zijn correspondentie met de Raad, mits hij ook haar e-mailberichten mag lezen. Hij heeft daartoe de Raad verzocht het raadsdossier in te zien.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken