ABRvS 9 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2201
Bij besluit van 23 mei 2019 (lees: 27 mei 2019) heeft de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap besloten om het inspectierapport van 27 mei 2019 openbaar te maken. [appellant] was werkzaam bij de [stichting] van 1 augustus 1983 tot 1 januari 2015. Sinds 1997 was hij lid van het college van bestuur. Eind juni 2014 is hem gevraagd zijn werkzaamheden neer te leggen. Hierna kwam een onderhandelingsproces tot stand wat heeft geresulteerd in de vaststellingsovereenkomst van 23 oktober 2014. Hierbij zijn partijen overeengekomen dat [stichting] aan [appellant] een vergoeding van € 21.800,00 bruto als compensatie voor het niet in acht nemen van de geldende opzegtermijn én een ontslagvergoeding van € 75.000,00 bruto betaalt. Volgens de minister is [appellant] met [stichting] een hoger bedrag aan ontslagvergoeding overeenkomen dan is toegestaan op grond van de Wnt en de daarop berustende bepalingen zoals die golden in het jaar 2014.
De uitspraak op rechtspraak.nl