ABRvS 22 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1757
Bij besluit van 25 november 2016 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een bestuurlijke boete van € 21.600,- opgelegd. Op 4 maart 2016 heeft een bedrijfsongeval plaatsgevonden bij [appellante], waarbij pallets op het slachtoffer zijn gevallen. Daarbij heeft hij verwondingen opgelopen waardoor hij naar het ziekenhuis moest. Daar bleek dat hij twee gebroken ruggenwervels had. Aan zijn verwondingen is hij geopereerd, waarbij in zijn onderrug vier schroeven en twee stangetjes zijn geplaatst. Naar aanleiding van dit ongeval is een arbeidsinspecteur van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid op 7 maart 2016 bij [appellante] langsgegaan. Zijn bevindingen heeft hij opgenomen in een boeterapport van 13 juni 2016. De staatssecretaris heeft daaruit geconcludeerd dat [appellante] artikel 16, tiende lid, van de Arbeidsomstandighedenwet, gelezen in verbinding met artikel 3.17 van het Arbeidsomstandighedenbesluit, heeft overtreden.
De uitspraak op rechtspraak.nl