ABRvS 8 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1602
Bij besluit van 25 oktober 2017 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de verklaring van geen bezwaar die hij op 25 maart 2016 aan [appellant] heeft afgegeven krachtens de Wet veiligheidsonderzoeken, ingetrokken. [appellant] had een vertrouwensfunctie bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Voor die functie heeft de minister op 25 maart 2016 een vgb afgegeven. Deze vgb heeft de minister in het besluit van 25 oktober 2017 ingetrokken, naar aanleiding van de resultaten van een individueel onderzoek van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst. Per 1 maart 2018 hebben [appellant] en de NVWA met wederzijds goedvinden een einde gemaakt aan het dienstverband van [appellant]. Dit heeft voor de minister reden gevormd om het bezwaar dat [appellant] heeft ingesteld tegen het besluit van 25 oktober 2017, niet-ontvankelijk te verklaren.
De uitspraak op rechtspraak.nl